Blog
De gezamenlijke bankrekening bij echtscheiding: van wie is het saldo eigenlijk?
De gezamenlijke bankrekening bij echtscheiding: van wie is het saldo eigenlijk?

In veel huwelijken is het de gewoonste zaak van de wereld: een gezamenlijke bankrekening. Salaris komt erop binnen, boodschappen worden ervan betaald en de vaste lasten gaan er maandelijks vanaf. Maar wat als het huwelijk eindigt in een scheiding? Wie heeft dan recht op het geld op die rekening?
Die vraag stond centraal in een recente uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 22 oktober 2024[1], waarin het hof een verrassend oordeel velde. Niet de tenaamstelling van de rekening, maar het gezamenlijke gedrag van de ex-partners bleek uiteindelijk doorslaggevend.
Een huwelijk, huwelijkse voorwaarden en een discussie over saldo
De zaak draaide om een man en vrouw die op 1 maart 2005 met elkaar trouwden in gemeenschap van goederen. In 2010 veranderden zij hun juridische situatie: ze sloten huwelijkse voorwaarden, waarmee de gemeenschap van goederen werd opgeheven. Alleen de inboedel bleef nog gemeenschappelijk; voor de rest gold: “ieder voor zich.” Bezittingen en schulden werden toegerekend aan degene op wiens naam ze stonden.
Op 27 juli 2023 werd de echtscheiding uitgesproken. Wat achterbleef, waren vragen. En één daarvan: wie is gerechtigd tot het saldo op hun gezamenlijke bankrekeningen?
Het oordeel van het hof: meer dan een naam op de rekening
Je zou denken dat het simpel is. Een gezamenlijke rekening betekent: 50/50, toch? Of juist niet, want na het sluiten van huwelijkse voorwaarden zou het saldo op naam van één van de partners toebehoren. Maar zo werkt het dus niet altijd.
Het hof stelt in rechtsoverweging 4.21 dat het enkele feit dat een bankrekening op twee namen staat, nog niet betekent dat het geld van beiden is. Wat wel van belang is: waar komt het geld vandaan en wat hebben de partners onderling afgesproken?
En zelfs als er niets is afgesproken, kan het gedrag van de partners doorslaggevend zijn. In deze zaak bleek uit het feitelijk handelen dat de partners hun gezamenlijke financiële huishouding na 2010 gewoon hebben voortgezet, ook na het sluiten van de huwelijkse voorwaarden. Hun inkomens kwamen binnen op gezamenlijke rekeningen, hun uitgaven liepen via diezelfde rekeningen.
Bovendien hadden ze in 2010 – bewust – het saldo op de gezamenlijke rekeningen buiten de verdeling van de gemeenschap gelaten. Daarmee gaven ze volgens het hof aan dat zij deze saldo’s als gemeenschappelijk beschouwden.
Gevolg: een eenvoudige gemeenschap
Hoewel er geen huwelijksgemeenschap meer was, kwalificeert het hof de gezamenlijke rekeningen als een eenvoudige gemeenschap in de zin van artikel 3:166 lid 1 BW. En dat heeft grote gevolgen: als je niet expliciet afspreekt dat de verdeling anders moet zijn, dan geldt een gelijke verdeling (artikel 3:166 lid 2 BW). Beide ex-partners hebben dus recht op de helft van het saldo.
Wat kun je hier als (ex-)partner van leren?
Deze uitspraak laat zien dat het beheren van geld tijdens een huwelijk niet alleen juridische, maar ook praktische gevolgen heeft. Je kunt wel huwelijkse voorwaarden op papier zetten, maar als je in de praktijk alles blijft delen, dan kan een rechter concluderen dat je het geld nog steeds samen beheert.
Wil je echt zekerheid over wie wat bezit? Dan is het belangrijk om niet alleen de juridische kant goed te regelen, maar ook om je gedrag daarop aan te passen. Denk bijvoorbeeld aan aparte rekeningen, gescheiden geldstromen en duidelijke afspraken, liefst schriftelijk.
Vragen over huwelijkse voorwaarden of gezamenlijke rekeningen?
Een echtscheiding is al complex genoeg. Het laatste wat je wilt, is onduidelijkheid over geld. Bij Drechtsteden Advocaten helpen we je graag om duidelijkheid te krijgen over jouw rechten en plichten of het nu gaat om een scheiding, een vermogensverdeling of het opstellen van huwelijkse voorwaarden.
[1] Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 oktober 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:6521.










